Teksten

Twee heren in hun blauwe pak

Tien uur, vrijdagmorgen

Ik geniet m’n vrije morgen

Dan lacht ze me aan en zegt ze: "Schat!

Kom, gaan we lekker naar de stad!

‘k  moet nodig kleren kopen!"

Ik denk: "Tja, dat wordt lopen".

Dus neem ik de auto, ik parkeer! 

Leg m’n bon op ‘t dashboard neer.                                        

Winkel binnen, passen

Jurken, topjes, jassen

"Niks aan!" Kom, naar 'n and're zaak. 

"Daar," zegt ze. "Hebben ze mijn smaak!"

We lopen in 'n flinke draf

Ondertussen loopt de meter af 

Als ik dat besef is het te laat.  

Verheugd, staan ze al paraat. 

 

Twee heren van parkeerbeheer

"Te laat meneer, het spijt ons zéér!"

En met 'n grijns op hun gezicht 

Doen ze dan vrolijk weer hun plicht.

 

De traditie wordt doorbroken   

Vandaag zal ik eens koken

Vlees, wijn heb ik al gehaald

De zwarte pepers fijn gemaald

Nu éérst het vlees bruin bakken

Braadpan, boter pakken

"Op! Tja, of ik dat nog red.                                         

Tien voor zes! Ja, dat kan nog net!"

"Gauw dan, boter halen

Parkeerplaats vol, da's balen

Dan maar half op de stoep. Ja, vlug

Dat kan toch wel. Ik ben zo weer t'rug!"

Ik denk: "Als het regent dat het giet,

dan werkt de parkeerwacht zeker niet!" 

Ik ben weg voor vijf minuten maar. 

Kom ik t'rug, staan ze alweer klaar. 

 

Twee heren in hun blauwe pak

Ze schrijven graag, dat is hun vak

En met 'n grijns op hun gezicht 

Doen ze dan vrolijk weer hun plicht. 

 

Vandaag doe ik het beter

En stop geld in die meter

Bekeuringen zijn me veel te duur

Mij maken ze het leven niet meer zuur

Ik parkeer, dus snel betalen

Eerst nog kleingeld halen

Maar waar haal ik dat nu vandaan 

Dan zie ik 'n bordje 'Bakker' staan.

Ik ga vlug naar binnen

"Zeg mevrouw, kan ik hier pinnen

Ik had dan graag wat kleingeld t'rug".

Dan roept ’n meneer: "Ho zeg, niet zo vlug!

Ik dacht dat ik nog vóór u was"! 

En besteld drie broden en één tas 

"Schiet op man, zeg ik moet echt gaan"! 

Is ie klaar, zie ik ze ginds al staan. 

 

Twee heren in hun blauwe pak

Halen hun boekje uit hun zak

En met 'n grijns op hun gezicht 

Doen ze dan vrolijk weer hun plicht.

 

Tja, ze kunnen regels maken

Voor de onbenulligste zaken

Wat is dat toch hier in dit land

Met politici aan de hand

Voor elke scheet laten betalen                

Hun tekort op ons verhalen                       

Nou, van mij krijgen ze voortaan niets. 

Ik protesteer en pak de fiets.

Nu komen ze elkander tegen

Zegt Jan: "Ik heb er nog maar negen"

Waarop Piet: "Ik heb er nog maar tien,

Maar heb Wijhers nog niet gezien

Ik wacht hier al de héle morgen

Ik maak me toch een beetje zorgen 

Als ik er vandaag geen twintig haal 

Mis ik de proces-verbaalbokaal"!

 

Zo staan de heren in hun blauwe pak

Te wachten totdat ik de auto pak

Maar ik fiets onbezorgd en wel

Met achter licht en voor 'n bel

En met 'n grijns op mijn gezicht

Ontneem ik hun hun trouwe plicht

En met frustratie op hun aangezicht

Letten ze héél goed op mijn licht!      

    

 

 

Ik ben zoals ik ben

Ik ben zoals ik ben, ongebonden en vrij.   

Ik ben niemands baas, niemand staat boven mij. 

Ga gewoonweg mijn gang, hou de eer aan mezelf.   

Zwicht niet zelfs al staat niemand me bij.         

Ik wil lachen, wil zingen, wil dromen. Ik wil

Mijn hoed achterstevoren dragen.  

Ik bekommer me niet om geld of om roem        

Of wat jou wellicht  zou behagen.

 

Ik zeg wat ik zeg, neem geen blad voor mijn mond. 

Wil mijn stem laten horen, ik spreek in het rond. 

Wat ik vind, wat ik denk, direct en oprecht,   

Onbevangen, vrijmoedig en pront.   

Ik wil eerlijk en niet berekenend zijn.         

Ik laat me niet terroriseren       

Door kletskousen. Weiger een kruiper te zijn,   

Met de meute mee te marcheren.   

                                                         

Ik zing wat ik zing, weet niet wat je verwacht. 

Misschien moet je huilen, misschien dat je lacht. 

Een lied over mij, een lied over haar.    

Een lied over dat wat ik dacht.       

Tja, en of het bevalt, dat is dan aan jou, 

Ik kan er niet meer van maken.          

Ik heb maar één stem, zing zo goed als ik kan. 

En misschien dat ik jou kan raken.        

 

Ik doe wat ik doe, heb mijn best steeds gedaan 

Het beste te doen. En toch heb ik stilaan  

Veel fouten gemaakt, heb mijn lessen geleerd. 

Ben vaak onderuit gegaan.   

Kan elke weg kiezen, waarheen ik  maar wil. 

Kan kiezen me aan jouw te binden. 

Voel geen enkele dwang, heb geleerd in mezelf   

Een oneindige vrijheid te vinden.

 

Ik schrijf wat ik schrijf, schrijf de beelden in mij.

Onderwijl trekken stil de woorden voorbij.       

De rijmen, de tonen van ’n melodie.     

Ik laat mijn droombeelden vrij.   

Ik heb menige bladen met zinnen gevuld 

En vertwijfeld in stukken gereten.

Misschien schrijf ik zelf of misschien schrijft het mij. 

Ik zou het oprecht niet weten.     

                                                                                                       

Ik heb lief wat ik liefheb, de warmte, de kou   

Mijn kind en m’n vrienden, de lucht hemelblauw.    

De dieren ,de dingen, heel groot en heel klein.   

De regen, het leven met jou . 

Ik wil je niet vangen, wil je laten. Ik wil 

Niet aandringen mij te behagen.     

Wil de liefde niet doven, dus ik laat je vrij 

Zonder mezelf te beklagen. 

 

Ik voel wat ik voel, innig en stil.    

Soms wordt het in mijn gedachten echt kil.   

Soms ben ik gelukkig, soms lijd ik aan mij

En twijfel aan dat wat ik wil. 

Maar misschien is geluk verbonden aan pijn, 

Aan de mate dat je hebt geleden

En is  het vermogen gelukkig te zijn    

Gelinkt aan de pijn uit verleden.

 

Ik ben zoals ik ben, ongebonden en vrij.   

Ik ben niemands baas, niemand staat boven mij. 

Ga gewoonweg mijn gang, hou de eer aan mezelf. 

Zwicht niet zelfs al staat niemand me bij.     

Ik wil lachen, wil zingen, wil dromen. Ik wil   

Mijn hoed achterstevoren dragen.   

Ik bekommer me niet om geld of om roem

Of wat jou wellicht zou behagen.

 

Voor mij

Wat het oortje is voor de kan
Wat het steeltje is voor de pan
Wat het zakje is voor de thee
Zijn de golven voor de zee


Wat de kou is voor de sneeuw
Wat de kust is voor de meeuw
Wat het spoor is voor de trein
Zijn de druiven voor de wijn


Wat het blad is voor de boom
Wat de slag is voor de room
Wat het strand is voor de duin
Zijn de hekjes voor de tuin


Wat de lucht is voor de band
Wat het licht is voor de plant
Wat het nieuws is voor de krant
Is de korrel voor het zand
Is jouw hand voor mijn hand


Wat de mat is voor de vloer
Wat de bout is voor de moer
Wat de mand is voor de was
Zijn de schappen voor de kast


Wat het leertje is voor de kraan
Wat de nacht is voor de maan
Wat de bloem is voor de pot
Is de sleutel voor het slot


Wat de wijs is voor ‘n lied
Wat ’n traan is voor verdriet
Wat het vuur is voor de zon
Is het water voor de bron


Wat het bed is voor de sprei
Wat de lust is voor ‘t gevrij
Wat het gras is voor de wei
Is de honing voor de bij
Is jouw liefde voor mij

 

Een koude wind waait door de straten

 

Een koude wind waait door de straten
Twee oudjes schuif’len zij aan zij
De zomer heeft het stel verlaten
De winter langzaam dichterbij
Hoe lang al zit ik hier te wachten
Kijk naar die oudjes door het raam
In mij rijzen honderd gedachten
Waarvan negentig jouw naam


Weet je, ik wil niet langer wachten
Waarop? Nee! Waarom niet vandaag
Wil al je dagen al je nachten
Is dat teveel, wat ik vraag


Kon ik vandaag maar met je delen
Kon je vandaag maar bij me zijn
Zouden niet onze tijd verspelen
Jouw wereld zou de mijne zijn
Ik wil geen grenzen, ik wil vrijheid
Ik wil geen dag nog zonder jou
Zonder jouw warmte , jouw nabijheid
Zijn de dagen koud en grauw


Weet je, ik wil niet langer wachten
Waarop? Nee! Waarom niet vandaag
Wil al je dagen al je nachten
Is dat teveel, wat ik vraag


Verlichte vensters in de straten
Trekken versneld aan mij voorbij
M’n trein heeft het perron verlaten
‘k verzink in stille mijmerij
Wat is er van vandaag gebleven
Jij zit alleen en wacht op mij
Wat daar voorbij gaat is ons leven
Misschien de beste tijd voor jou en mij

 

 

Geen nieuwe dag

Ik leg de hoorn neer, het is voorbij.
Er komt geen nieuwe dag voor jou en mij.
Ieder z’n eigen weg, geen nieuw begin.
Ik had graag meer gehad, maar meer zat er niet in.


Misschien had een en ander anders moeten gaan,
Maar als het anders kon had ik dat ook gedaan.
Weet, ik verwijt je niets, maar spijt, nee, heb ik niet
Al doet ons uit elkaar gaan mij intens verdriet.


En komt er dan die dag dat jij er niet meer bent.
Heb ik de winter van jouw leven niet gekend.
Wat ging er door jou heen misschien wou jij me nog een keertje zien.
Wou je nog even bij elkaar zijn , misschien!


Ik zou je zeggen dat ik steeds nog van je hou.
Koester de mooie tijden die ik had met jou.
Ik zou je zeggen, maar ach, het heeft geen zin.
Ik had graag meer gehad , maar meer zat er niet in.
Ik had graag meer gehad , maar meer zat er niet in. 
 

* This song reflects on the end of a relationship, acknowledging that each person must follow their own path without the possibility of a fresh start together. This lyrics express a sense of acceptance and reminiscence, highlighting the bittersweet emotions of parting ways and the realization that despite the desire for more, sometimes there are limits to what can be achieved. (Musixmatch)

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.